Dit is een Nederlandstalige versie van mijn verhaal "Lasting Memory", welke ik publiceerde eind 2016.

Terwijl je leest, probeer er zeker aan te denken dat dit een AU-verhaal is (alternate universe), maar het is en blijft een Romione-verhaal.

In tegenstelling tot de Nederlandstalige vertaling van de Harry Potter-verhalen, hou ik me aan de Engelstalige namen. Persoonlijk heb ik een hekel aan de verbastering van persoonsnamen na een vertaling. Ieder zijn mening hierover natuurlijk.

De gewoonlijke disclaimer is hier ook van toepassing. Alle personages zijn eigendom van JK Rowling, ik speel er alleen een beetje mee.

Na de oorlog werd Kingsley de nieuwe Minister der Magie. Het eerste wat hij deed in zijn nieuwe functie, was zowel Harry en Ron aanduiden als gloednieuwe Aurors. Ze aanvaardden zijn aanbod en gingen niet meer terug naar Hogwarts, maar in plaats daarvan naar de Auror academie. Ze waren beiden de besten van de klas. Niet dat iemand het tegendeel had durven beweren uiteraard.

Het duurde niet lang vooraleer Ron zichzelf had bewezen als een eersteklas Auror, met een grote voorsprong op Harry. Harry was ook best goed op zijn eigen manier, maar hij was iets te empathisch en hij zat nog steeds met een immens schuldgevoel over wat er tijdens de Tweede Tovenaarsoorlog was gebeurd. Zo kwam het dat Harry na twee jaar zijn ontslag gaf en terugkeerde naar Hogwarts als leraar Verweer tegen Zwarte Magie, tot groot jolijt van professor McGonagall en Ginny.

Ron was nu al vier jaar Auror en hij was de beste van zijn afdeling. Al zijn missies bracht hij tot een goed einde. Er gingen geruchten de ronde dat hij de opvolger zou worden van het hoofd van de Auror-afdeling, maar daar wilde Ron niks van weten. Hij wilde niet voor de rest van zijn leven vastzitten achter een bureau tussen papierwerk. Nu nog niet, tenminste.

Ron was iemand die graag buiten werkte, waar de actie gebeurde. Mensen schaduwen tot hij iets ontdekte dat hij later tegen hen kon gebruiken, of een strategie uittekenen zodat hij meerdere verdachten in één keer kon inrekenen, daar leefde hij voor. Hij werd wakker met zijn werk en ging er ook mee slapen. Hij had geen vriendin of een gezin dat 's avonds op hem wachtte.

Hij woonde bij Harry en Ginny in Grimmauld Place, nadat Harry en Kreacher het helemaal hadden opgeknapt.

Eerst woonden ze er alleen, omdat Ginny haar zevende jaar nog moest voltooien aan Hogwarts. Maar nadat ze afstudeerde, en nadat ze Molly konden overtuigen, duurde het niet lang vooraleer ze bij hen introk.

Ron wilde niet steeds getuige zijn van hun constante gekus en geknuffel, dus hij werkte laat door en verdwijnselde rechtstreeks in zijn eigen kamer om de twee tortelduifjes te vermijden.

Toen hij op deze ochtend – waar ons verhaal begint – wakker werd, voelde hij meteen al dat het zijn dag niet zou worden. Harry en Ginny waren weg op hun huwelijksreis, dus hij was helemaal op zichzelf aangewezen. Hij kon slecht met de stilte omgaan. Kreacher logeerde op Hogwarts, waar hij de andere huiselfen hielp in de keukens. Ron had daar geen problemen mee, hij was toch meestal op het werk en ging zo vaak hij kon naar het Nest om te eten zodat hij niet van honger omkwam. Maar hij miste iemand om tegen te praten. Hij kon altijd bij zijn ouders binnenspringen of bij zijn broer Bill, maar ze hadden allemaal hun eigen gezin en problemen om zich mee bezig te houden. En trouwens, het Nest werd tegenwoordig continu overspoeld door kinderen. Het werd hem allemaal net iets te luid en het was niet fijn om constant herinnerd te worden aan het feit dat hij de enige was die nog niet was getrouwd.

Hij kreeg meer dan genoeg aandacht van de meisjes als hij naar de Lekke Ketel iets ging gaan drinken. Hij was immers de beste vriend van Harry Potter. En dat was nu net wat hem het meeste tegenstak, hij kon nooit echt helemaal zeker zijn dat ze hem, Ronald Weasley, leuk vonden of alleen maar met hem om wilden gaan omdat ze zo tot bij Harry Potter zouden kunnen geraken. Dus elke keer als er een meisje op hem af kwam of maar enigszins interesse in hem toonde, dronk hij zijn boterbier leeg en ging weg. Na al die jaren was hij nog steeds onzeker. Hoe kon hij het opnemen tegen de Uitverkorene? Hij was alleen maar de sidekick.

En daarom hield hij zo veel van zijn werk. Hier was hij Auror Weasley, hij had zijn naam helemaal zelf gemaakt. Geen Uitverkorene, geen familie in wiens voetstappen hij moest gaan. En hij was er verdomd fier op.

Hij ging naar beneden om te ontbijten, liet vervolgens zijn bord met spek en eieren op de grond vallen, maakte daarna maar een tweede keer ontbijt en at het op terwijl hij de editie van "The Daily Prophet" negeerde. Er stond toch nooit iets nieuws in. Hij nam het Haardrooster naar het werk, zijn humeur helemaal onder nul.

Van zodra hij op het werk aankwam, merkte hij meteen dat er iets mis was. Zijn collega's die op kantoor waren probeerden erg hun best te doen hem te mijden. Ze staarden naar hem, maar hij kreeg geen goedemorgen. Hij controleerde even of hij er wel aan gedacht had om kleren aan te trekken en haalde opgelucht adem toen bleek dat hij dat ook gedaan had. Maar daar wist hij natuurlijk niks meer mee.

"Weasley!" brulde het hoofd Jollins vanuit zijn kantoor. "Missie briefing, nu!"

Ron keek naar het kantoor van zijn baas Jollins en fronste. Waarom werd er gewacht tot hij op kantoor kwam om een missie aan hem toe te wijzen? Meestal kreeg hij thuis een Patronus of ze belden hem op via het Haardrooster. Zo ging het nu eenmaal als je Auror was, je wist nooit wanneer je dag erop zat, en evenmin wanneer hij zou beginnen.

Hij merkte dat al zijn collega's op scherp stonden, ze probeerden zichzelf bezig te houden maar konden het niet laten af en toe een blik in zijn richting te werpen. Hij had de reputatie om gespannen en opvliegend te zijn, vooral als hij een missie kreeg die hij eigenlijk niet wilde doen of wanneer hij niet opschoot met een of ander onderzoek.

Vermits hij niet met een onderzoek bezig was, wilde dit dus zeggen dat hij een missie zou krijgen waar hij niet blij mee zou zijn.

Hij nam plaats voor het bureau van Jollins en vroeg, "Wat is mijn volgende missie, meneer?"

"Weasley, ik ga meteen open kaart spelen. Je bent de beste die we hebben. Maar dat wist je al, niet?" vroeg Jollins.

Ron was verbaasd. Het was niet Jollins' gewoonte om rond de pot te draaien, meestal zei hij meteen waar het op stond. Hij werd met de minuut nerveuzer.

"Dank je, meneer. Ik waardeer uw goedkeuring. Maar dat is niet de reden waarvoor u mij geroepen heeft, neem ik aan?" Ron ging een beetje rechter zitten. Hij kon het wel aan. Welke missie of taak hij ook moest doen, het was een perfecte afleiding van het lege huis dat op hem wachtte. En als het hem een beetje meezat, zou dit onderzoek lang genoeg duren zodat Harry en Ginny in tussentijd weer thuis zouden zijn uit Griekenland. Zo kon hij zich op de missie concentreren, en zich niet meer hoeven bezig te houden met de oorverdovende stilte thuis.

Jollins schraapte zijn keel en ging verder. "Nee, je hebt gelijk. Zoals gewoonlijk. Ben je op de hoogte van de zaak waar Olson mee bezig is? De Virelli-moorden?"

Ron knikte. Natuurlijk had hij erover gehoord. Een paar dagen geleden was er een brutale aanval gepleegd op de Virelli familie. Ze werden allemaal vermoord, sommige van hen werden zelfs eerst gemarteld. Niemand overleefde het en niemand wist waarom dit was gebeurd. Er was niet eens één aanwijzing naar een mogelijke dader. Ze wisten alleen dat het iemand was die Magie bezat, maar Ron vermoedde dat dit niet het werk kon zijn van één Heks of Tovenaar. De Virelli familie was halfbloed, had geen slechte reputatie of gekende connecties met Dooddoeners. Er was niks verdachts aan hen. Dus Olson wist niet goed wat te doen. Hij was eerder al naar Ron gekomen om advies. Maar zonder getuigen of enig bewijs was er niet veel om op verder te gaan.

Ron had hem verteld over zijn vermoedens dat het om meerdere daders zou kunnen gaan, misschien zelfs Dooddoeners. Niet dat er daar nog veel van over waren. Harry en Ron hadden zich na de slag om Hogwarts bezig gehouden om elk van hen op te sporen en in te rekenen. Maar ze konden nooit zeker zijn dat ze ze allemaal hadden gevangen.

"Ja, ik ben op de hoogte. Moeilijke zaak." Ron haalde zijn schouders op.

"Nu niet meer, er werd een getuige gevonden." Jollins haalde een dossier boven en gaf het aan Ron. Het bevatte enkele Dreuzel-foto's – ze bewogen niet – van een meisje met bruin kroezelig haar, bruine ogen en een bleke huid. Er was iets met dat meisje, dacht Ron, maar hij kon niet precies zeggen wat.

"Een getuige zou de zaak heel wat vooruit helpen. Dat is toch fantastisch? Maar wat heeft dat met mij te maken? Wil je dat ik de zaak overneem? Olson is ook een goede kracht, hij kan het wel aan," zei Ron.

"Nee, Olson blijft aan de moordzaak werken. Maar de getuige, juffrouw Hermione Granger, moet beschermd worden. Toen Olson en zijn team haar vonden, bleek dat bezweringen op haar huis werden geplaatst. Bezweringen die de uitvoerder zou verwittigen dat ze thuis was. Zoiets is nooit een goed teken. Dus brachten ze haar mee naar hier. Ze zit nu in één van de verhoorruimtes. Maar ze kan hier natuurlijk niet blijven. Had ik al gezegd dat ze een Dreuzel is?" Jollins wees naar haar foto.

Ron schrok. "Een dreuzel? En je bracht haar hierheen? Waarom heb je haar geheugen niet gewist, dat is toch standaard protocol?"

"Was het maar zo simpel, Weasley. Ze verkeert in shock, wat te verwachten was als je bekijkt wat ze de afgelopen uren heeft meegemaakt. Er is al een Genezer uit St Mungo's bij haar geweest en ze vermoeden dat ze aan geheugenverlies lijdt. Komt wellicht door de shock. We kunnen haar herinneringen wel tevoorschijn halen in de Hersenpan maar we kunnen nooit weten of deze correct zijn. We hebben echt een getuigenis van haar persoonlijk nodig. De Wikenweegschaar zal de zaak anders niet willen behandelen," zuchtte Jollins en hij ademende diep in. "Ik wil dat jij haar terug naar haar huis begeleidt en bij haar blijft tot haar geheugen terug komt. Dat is jouw missie: haar beschermen."

Ron kon zijn oren niet geloven. Zo'n zaken werden meestal toegewezen aan de beginnelingen en zelfs dan werd er een beurtrol voorzien. Getuigen beschermen was immers een saaie boel, ze vonden zichzelf vaak heel wat en sommige onderzoeken konden wel weken aanslepen, soms zelfs maanden.

"Heb ik iets verkeerds gedaan, meneer?" vroeg Ron. Hij had het gevoel alsof hij gestraft werd. Hij dacht terug aan hoe hij deze morgen bij het opstaan al het gevoel had gehad dat het zijn dag niet ging worden. Hij was beter in bed blijven liggen.

"Weasley! Er is niks mis met het beschermen van een getuige!" blafte Jollins. "Dit is een zaak van lange duur, dat besef ik maar al te goed. Ik besef ook zeer goed dat juffrouw Granger erg aantrekkelijk is. En daar wringt nu net het schoentje," ging hij verder.

Ron fronste. Jollins had gelijk, het meisje was inderdaad erg knap, maar zijn ervaring leerde dat mooie meisjes meestal niet erg intelligent waren of juist erg gemeen. Hij zag het probleem niet en vertelde dat ook aan Jollins.

"Natuurlijk zie je dat niet. Jij hebt geen vriendin of vrouw! Denk je niet dat ik dit eerst aan andere Aurors heb gevraagd? Stel je eens voor als jij een vriendin had, hoe zij zou reageren als ze zou weten dat je heel veel tijd doorbracht met zo'n stuk? Ik weet dat je gebonden bent aan beroepsgeheim, maar ze komen er altijd achter. Dat zou jij juist beter moeten weten."

Ron stond op zodat hij door het kantoor heen kon ijsberen. Natuurlijk wist hij dat maar al te goed. Hij was erbij toen Ginny helemaal flipte toen ze ontdekte dat Harry een hele week met Sophie Hampton had doorgebracht, een slachtoffer van aanranding. Harry had de taak gekregen om op haar te letten terwijl ze in het ministerie verbleef en haar zaak voorkwam in de Wikenweegschaar, toen Ginny op het werk langskwam om met Ron te gaan lunchen. Harry had de fout gemaakt om net op dat moment een pauze te nemen en had achteraf heel wat uit te leggen waarom hij niet op missie was zoals hij haar had gezegd. Terwijl hij probeerde uit te leggen dat hij juist wel met zijn missie bezig was, riep Sophie hem. Ron durfde de volgende uren niet naar huis gaan tot hij van Harry hoorde dat de kust veilig was.

"Je kunt me niet wijs maken dat er geen enkele Junior Auror vrij is om deze zaak aan te nemen? Ilkins bijvoorbeeld, of Rogers?" probeerde Ron, terwijl hij met zijn hand door zijn haar ging.

"Nee, Weasley. We willen geen Junior Auror hierop zetten. Het is te belangrijk. Haar huis zat al onder de bezweringen slechts enkele uren na de moorden. We moeten iemand hebben met tonnen ervaring. En jij bent de beste, zoals ik al heb gezegd."

"Maar waarom bij haar thuis? Het kan toch ook hier, ze is hier nu toch al. Of in een van onze schuilhuizen?"

Ron wilde haar zelfs meenemen naar hem thuis verdorie. Harry vond het vast niet erg. Ginny kon misschien iets anders zijn, maar hij zou wel met haar praten.

"Nee, de Genezers denken dat ze beter naar haar eigen huis gaat. In een bekende omgeving zou haar geheugen misschien sneller kunnen terugkomen. Dat is het doel van deze missie; haar geheugen terugkrijgen zodat we haar getuigenis kunnen afnemen. De Virelli familie was zeer gekend in hun tijd. We kunnen het ons niet permitteren om dit naast ons neer te leggen. Ga naar haar toe en neem haar mee, beveilig haar huis, je weet wat je moet doen. Probeer zoveel mogelijk magie te vermijden, ze is en blijft nog steeds een dreuzel. Ze weet nu van ons bestaan af, maar dat is slechts tijdelijk. Haar geheugen zal worden gewist van zodra alles voorbij is. Hier is haar dossier, ze zit in kamer drie. Je weet wat je te doen staat."

Jollins gaf Ron het dossier met de foto's. Hij nam het met een diepe zucht aan. Hij verliet het kantoor en sloeg de deur harder dan nodig dicht.

Op de afdeling liet hij zijn ogen afdwalen naar Olsons bureau, maar merkte dat deze leeg was. Gelukzak, dacht Ron.

Hij draaide zich om en ging op weg naar verhoorruimte nummer drie, waar een zekere juffrouw Granger op hem zat te wachten.